Hoe een nadeel soms een voordeel wordt

Vijf jaar geleden stond mijn leven even stil. Ik was bij de oogarts omdat ik merkte dat ik niet meer zo goed zag uit mijn rechteroog. Na enkele tests, pakte ze mijn hand vast en zei ze dat ik mijn vriend moest bellen. Hij moest me meteen naar het ziekenhuis brengen. Ik was blind aan het worden.

Netvliesloslating klonk de diagnose.

Na 2 operaties klonk de diagnose staar.

Na nog eens drie operaties en twee jaar later zie ik terug redelijk goed. Maar niet van heel dichtbij en ook niet heel ver.

En dat zorgde toch voor een drempel toen ik terugkeerde naar de kunstacademie.

Ik besloot om niet tegen de leraar te zeggen dat ik niet zo goed zie.

Het klinkt als een excuus.

Een excuus als mijn werk niet goed is.

En dat wil ik niet.

Maar kijk, nu twee maanden en 6 lessen later, ben ik nog steeds niet door de mand gevallen.

Ik schilder wat ik zie.

En ik schilder niet wat ik niet zie.

Ik schilder dus met grove, brede penseelstreken.

Met een penseel zo twee keer dik dat een ander zou nemen.

En ik word bewonderd omdat ik dat durf.

Het loslaten van de realiteit en met een paar toetsen de essentie weergeven.

Dat lucht op.

Dat doet deugd.

Door mijn kleine beperking, heb ik mijn eigen stijl gevonden.

En als ik iets niet zie, dat ik toch moet zien? Wel, met de camera op mijn smartphone zoom ik in op die voor mij onzichtbare details tot als ik die zie. Leve de technologie 🙂

Geef een reactie